De kerk die aanraakt en omhelst

Terwijl ik dit in de lobby van het hotel schrijf lopen de deelnemers in groepen weg. Vliegen, rijden, treinen of nog een middagje shoppen in Berlijn. Wat was het laatste dat we hier meegemaakt hebben? Misschien wel dit: kort en krachtig nog met elkaar stilstaan bij een kerk die mensen omarmt en aanraakt. En ik merk dat het overkomt op de mensen die het meemaakten. Er waren op dit punt twee momenten vanmorgen in de laatste sessie die elkaar precies aanvulden.

Tim Keller hield zijn derde verhaal. Een verhaal dat ik vaker gehoord heb van hem en dat hij beschreven heeft in intussen twee boeken. Maar het verhaal is een scherp verhaal omdat het eindigt met de stelling dat dit door nog zo weinig kerken gezien en gedaan wordt. Het gaat over de holistische kerk. Een kerk waar woorden zijn die kracht hebben en inhoud, maar ook waar daden zijn van liefde, zorg en barmhartigheid. Het kan zo cliché klinken, maar het is iets vergaande. Keller benadrukte meermalen hoe belangrijk dit is voor een kerk die daadwerkelijk (!) impact wil hebben op z’n omgeving. Een kerk die alleen spreekt kan zeer inspireren, maar een kerk die niet ook in de praktijk het laat zien en ervaren mist de boot uiteindelijk.

Twee misverstanden: 1. het mag niet alleen om gerechtigheid gaan in de zin dat de mensen die je helpt met diaconale projecten en praktische hulp meer moeten doen dan het ontvangen. Geloof? Dank? Keller: verwacht niets terug. Maar dan ook niets. Geef om te geven. Wees goed om goed te zijn. Punt. Dat is verhelderend: geen enkele vorm van transactie, waarbij er een geven en nemen is. Het tweede misverstand: het hele evangelie is samen te vatten in daden van liefde. Het gaat om liefde, dus hoef je niets erbij te zeggen. Fout, zegt Keller. Want we hebben niet alleen een lichaam, maar ook een ziel. En het evangelie raakt beide, het is holistisch. Dus laat ook het evangelie klinken, het verhaal van Jezus en Gods liefde is onvervangbaar. Het kan net zonder daden, maar vervang het ook niet door alleen daden.

Volgens mij snijdt dit naar twee kanten. Als ik om me heen kijk zie ik wel eens een boedelscheiding. Kerken die megagoed zijn in diaconaat maar niet veel boodschap hebben. En kerken met een geweldige boodschap die volledig opgaan in hun hoofd en in woorden. De opmerkingen van Keller doen mij verlangen naar vormen van kerkzijn waarin zeggen en doen, luisteren, spreken en delen, liefde en praktijk, leren en leven samen gaan. Eat pray love.

Vervolgens gebeurde er iets. Het was Siebrand Wierda die in de afsluiting van de conferentie voorging in gebed. Maar al snel stopte zijn woordenstroom. Hij vroeg de groepen uit steden en landen te gaan staan. Groep voor groep. Omgeven door de mensen eromheen die de handen oplegden. Uit Moskou was één persoon, Dimitri. Op zo’n moment wordt een zaal van 500 mensen stil en voel je dat er iets gebeurd als zijn gebed gelezen wordt voor Rusland en je samen afsluit met: ‘let your kingdom come’. Het is een moment waarop we elkaar aanraken en bij God brengen. De Fransen, de Finnen, de Engelsen, enzo voort. Het duurde een tijdje, maar geen moment was het saai, want er gebeurde wat. Mensen uit verschillende denominaties die een groep zegende. Kostbaar moment.

Het is zo’n moment waarop je beseft dat geloof meer is dan woorden, liederen en dat je ook met je lijf aan elkaar verbonden bent omdat je aan God verbonden bent.
Een moment dat het verlangen wakker houdt om mensen te zegenen om je heen, een stad te omhelzen en er gewoon te zijn met wie je bent en vooral met wie God is.

En nu op naar het vliegveld. Terug naar Amsterdam. Benieuwd naar het vervolg in Nederland, met Nederland Zoekt, met andere netwerken, met pioniers en met God.

Hoe analyseer je een hamburger terwijl je ‘m eet?

Op dag 2 van de Conferentie City to City in Berlijn gebeurde iets interessants. Niet dat dit de rest van de tijd niet gebeurde, er gebeurt hier steeds iets interessants, maar dit is de moeite waard apart te vermelden. In de middag sprak Stefan Paas. Ik haalde hem al kort aan. Ik denk niet dat ik hem onrecht doe als ik aangeef dat hij wat meer sceptisch overkwam dan we gewend zijn van sprekers in de kringen van kerkplanting.

De spanning die hij opriep heeft alles te maken met een prachtige metafoor die hij gebruikte bij de start van zijn verhaal: hoe eet je een hamburger? Die avond zat ik nog na te kauwen en sprak onder anderen hemzelf er nog over. Maar ook anderen kwamen er onder de borrel ‘s avonds en de volgende ochtend onder het ontbijt op terug. Het is de vraag die mij wel raakt: zijn wij sceptisch? In Amsterdam, in Nederland, in Europa? Ik bedoel dit: Paas maakt een aantal kanttekeningen bij de Church Growth Movement. Hij stelde dat groei niet het primaire doel van een kerk moet zijn, en dus ook niet van kerkplanting. Ik voelde opluchting in de zaal. Maar ik kan me voorstellen dat de Amerikanen het minder voelden resoneren. Want Stefan Paas was nogal kritisch.
En die hamburger? Wel dat gaat zo: hoe analyseer je een hamburger terwijl je ‘m eet? Eten is genieten, proeven, nog meer willen en gewoon opgaan in het moment van genot. Analyseren gaat uit van afstand, distantie, kritische vragen stellen en de elementen ontrafelen… Wat eet ik eigenlijk? En wat is er voor nodig om al dat sappige vlees te produceren? Milieuvragen, enz. Eet smakelijk: zoiets gaat moeilijk samen. Zo gaat dat, maar het was dus tegelijk de spanning die Stefan zelf toonde en over wist te brengen.

De mensen hier in Berlijn zijn op een of andere manier betrokken bij gemeentestichting, bij missionaire projecten. Ik zie opvallend veel ‘gewone’ predikanten en gemeenteleden. Er wordt breder dan voorheen in allerlei kerken nagedacht over nieuwe initiatieven. Kerken verlangen ernaar weer missionair te zijn. Naar buiten te treden en niet-kerkelijken weer te bereiken. Geweldig. En dan toch een aantal kritische vragen. Enerzijds erg prettig: als groei niet het ultieme doel is, kunnen we minder overspannen erin staan. Winst. Tegelijk voel je het knagen: waarvoor doe je het dan? Ikzelf? Wat maakt dat ik graag een missionaire kerk zie?

In het kort wat Stefan Paas neerzette. Hij stelt vragen bij de beweging die groei centraal stelt. Zijn kritiek gaat erover dat er dan snel naar getallen gekeken wordt. En ook dat we een doel stellen dat volgens hem helemaal niet zo bijbels is: de hele stad, omgeving moet een kerk worden. Amsterdam een soort Barneveld. Liever niet, stelde hij. Ik deel die gedachte uiteraard, maar toch: zou je niet elke Amsterdammer het geloof gunnen? Ik wel.
Wat Paas in het kort neerzette is dat de kerk als zout bedoeld is, bedoeld om te verspreiden en op smaak te brengen, een priesterlijke zegen te zijn voor de omgeving. Niet om van de omgeving een grote zoutklomp te maken…

Historisch verwees hij naar de geschiedenis van na keizer Constantijn. Vanaf toen is er een groot aantal kerkgangers ontstaan waarbij regelmatig de klacht geuit werd dat slechts een kleiner deel echt geloofde en diep in z’n hart met God bezig was. Zijn stelling: in de huidige situatie van secularisatie gaan we terug naar de standaardsituatie die normaal was in Europa.

Waarom doen we het dan of willen we het gaan doen? Hij verwees naar Jeremia 29,7: in de zegen voor de stad ligt jouw zegen. De bloei van de stad is wat de kerk zoekt en daarin ligt haar eigen bloei. Maar: die kerk is wel een minderheid en het is ook oké als we een minderheid blijven. Groei niet het doel, en alles en iedereen naar de kerk brengen ook niet. Maar wel dit: aanwezig zijn in Gods naam, in de houding en liefde van Jezus. Om priesterlijk aanwezig te zijn in je omgeving. Om iets van God te laten zien aan de ander om je heen. En vanuit die basis mag je bidden om groei, bekering. Maar dat is dan toch iets anders dan groei als doel voorop zetten, waarbij kerkplanting niet meer dan een middel wordt, een strategie en mensen nummers worden.

Ik denk dat hier meer over te zeggen valt. Bij mij haakt dit. En niet alleen bij mij. Het zet opnieuw aan het denken over de diepere drijfveren om met kerkplanting en missional communities bezig te zijn. Misschien moeten we nog meer afdalen? Naar de basisvormen voor gemeente-zijn? Kleine kringen, kleine kerken die aanwezig durven zijn in een omgeving waar dat nog niet zo is. En intussen onszelf onderzoeken waarom we dit doen, wat drijft ons nou ten diepste?

Koffiepraat uit Berlijn

Ik geloof niet dat ik eerder een reisverslag deed in mijn blog, maar het moet er dan toch een keer van komen. Koffiepraat en deze keer uit Berlijn, waar een conferentie gaande is rond kerkplanting. Hier lopen in een buitenwijk van Berlijn zo’n 500 mensen rond uit allerlei steden van Europa. Waarom? Om te antwoorden met een quote uit een lezing op dag 1: er is een cappuccino-cultuur aan het ontstaan in steden. Rond een bak koffie ergens in de stad gebeurt veel: zaken doen, persoonlijke gesprekken en netwerken. We doen het hier in Berlijn ook. Zojuist heb ik me losgemaakt van de vele sta-tafels waar ik het zoveelste gesprek had tussen alle lezingen en breakoutsessies in. En iets ervan gaat hier terechtkomen. Wat delen mensen hier en wat beweegt ze rond al die koppen koffie? Korte impressies dus van de City to City Conferentie in Berlijn.

Allereerst mijzelf: ik ben hier vooral namens Nederland Zoekt… om inderdaad… te netwerken. We vinden het belangrijk dat verschillende groepen en bewegingen rond kerkelijke vernieuwingsvormen elkaar ontmoeten, inspireren en luisteren naar wat ze van elkaar kunnen leren. En het is een voorrecht om weer onder het gehoor te zitten van iemand als Tim Keller. Ik denk dat het zo’n 7 jaar geleden is dat ik kennis maakte in New York met Redeemer. De conferentie in Berlijn is een gevolg van het netwerk dat Allan Barth van Redeemer in de jaren opgebouwd heeft in Europa. Grondgedachte: breng mensen in steden bij elkaar en ga samen kijken wat je kunt doen voor en met elkaar om nieuwe wegen te zoeken voor de kerk. Kerkplanting is intussen bekender geworden en de groep mensen die nu bij elkaar komt laat zien dat allerlei mensen binnen verschillende kerken het belangrijk vinden elkaar te zien en samen te luisteren naar de pioniers, te leren van de ervaringen in New York en zelf na te denken over hun eigen plek ergens in Nederland.

Kort en krachtig: wat hoor ik hier zoal? Ik denk op dit moment aan twee dingen die me opnieuw opvallen en bezighouden. Het eerste is wel de intense aandacht die iemand als Tim Keller vraagt voor de cultuur. Ik zie dat als zijn grote bijdrage. Hij gaf vanmorgen op dag 2 ook weer aan hoezeer je als kerk de cultuur serieus te nemen hebt, wil je werkelijk een plek innemen in je stad en omgeving. Stefan Paas stelde daarbij vanmiddag de vraag hoeveel kerkplanters en pioniers daadwerkelijk in die context van hun eigen omringende cultuur geïnteresseerd zijn, meer dan in een snel middel tot succes. Dat is iets belangrijks in mijn ogen: echte interesse in wat mensen drijft, wat mensen bezighoudt, waarom mensen dingen doen zoals ze doen. Deel durven worden van die cultuur ook en sensitief daarmee omgaan binnen je kerk en geloofskring. Er valt veel meer over te zeggen, maar dit is wel het eerste wat ik kwijt wil als leerpunt.

Het tweede punt wat mij opvalt in de lezingen en de gesprekken is dit: pionieren en vernieuwen van kerk en geloof in bijvoorbeeld Nederland zal nooit gaan lukken als we het doen vanuit een kant en klaar programma. Gisteren benadrukte Tim Keller sterk dat Redeemer geen methode had die je zo kunt toepassen. Je hebt wel waarden, kernovertuigingen, een visie – maar daaruit moet je een manier ontwikkelen en dat is dus niet voorgegeven. Als het evangelie, je geloofsinhoud de hardware is, dan zijn manieren de apps die het toepassen. Kerkplanting, kerkvorming en pionieren is dan de ‘middleware’ die tussen die twee inzit en ze moet verbinden in jouw situatie. Ikzelf verlang naar manieren die ons er steeds meer bij helpen zelf die apps te zijn als mens. Manieren die ons helpen direct in verbinding te zijn met het evangelie van God en met mensen om je heen.
Goed te horen dat zoiets niet als methode uit de bus komt rollen, dat geeft de goede kijkrichting: waarom doen we de dingen in en buiten de kerk die we doen?

Wat de kerk kan leren van Steve Jobs…

Stay hungry, stay foolish.

Misschien is dit wel in één quote het antwoord op de vraag of de kerk iets kan leren van Steve Jobs. Een blog nogmaals over hem loopt het gevaar in de hoek weggezet te worden van de Apple-Fanboys. Het is niet anders. Ik heb niet zoveel met het verheerlijken van een persoon, dus ook niet van Steve Jobs. En voor Apple zal het nog een klus worden om het topmerk te blijven wat ze nu geworden zijn. Zinvol om elk jaar op 16 oktober een Steve Jobs dag te vieren? Ik betwijfel het. Maar intussen wil ik toch wel graag een paar dingen delen die ik belangrijk vind en meen te herkennen in de manier van werken van Steve Jobs. Ik denk dat bedrijven hiervan kunnen leren en dat het algemeen zinvol is naar sterke merken te kijken met die invalshoek. Als liefhebber van christelijk geloof in de 21e eeuw en ben ik ervan overtuigd dat er elementen zijn waar juist de kerk veel van kan leren.

Religie en Jobs, een vaak genoemde combinatie, maar dan andersom: de cultus rond Apple en Jobs zou religieuze vormen aannemen in kritiekloze aanbidding. Ik ben op dit moment daar niet zo in geïnteresseerd omdat ik de vraag andersom wil stellen. Maar om dit niet ongenoemd te laten: dit soort trekken zegt in de eerste plaats iets over het algemene post-religieuze tijdperk waarin we leven. De leegte wordt regelmatig gevuld met dingen en idolen, en dat zal soms inderdaad ook hier het geval zijn. Steve Jobs is geen Messias, maar blijkbaar missen we met elkaar wel zoiets als een messias, dat geeft vooral te denken.

Intussen biedt Jobs een kenmerk door tegendraads en visionair te zijn. Iets dat het christelijk geloof bij de start ooit tot een wereldgodsdienst maakte in relatief korte tijd. De aloude quote ‘gij geheel anders’ dat uit Efeziërs 4,20 afkomstig is duidt op de kracht van een eigen bron, identiteit die het verschil maakt. Bijbels gezien dat het verhaal van vernieuwde mensen die zelf weer vernieuwend zijn voor hun omgeving. Overbekend binnen kerken, maar hoe sterk vind je dat terug in de manier waarop de kerk zichzelf vormgeeft en naar buiten treedt? Het is hetzelfde punt van ‘stay hungry, stay foolish’ dat voor christenen bijzonder bekend in de oren moet klinken, maar in een post-christelijke periode nog niet het hoofdkenmerk van veel kerken blijkt te zijn. In feite zeg ik hiermee dat bij alle verschil in ‘branche’ de kerk dus juist in haar corebusiness kan leren van de geschiedenis van Apple onder leiding van Jobs. Ik besef dat dit een stevige stelling is.

Om minder massief hiernaar te kijken door wat concreter te schakelen naar een paar elementen helpt een recent verschenen artikel in Forbes ons verder. Het biedt een boeiende top tien aan lessen die algemeen gezien te trekken zijn uit het leven van Jobs. Kort vertaald hieruit de zeven belangrijkste:

1. De meest duurzame innovaties zijn die kunst en wetenschap verbinden. Dit maakt Apple zo onderscheidend in z’n feels en looks, het zijn producten met een ‘ziel’.
2. Voor nieuwe wegen ontwerpen moet je niet bij focus-groepen zijn, maar vol zelfvertrouwen zelf iets nieuws creëren. De lancering van de met scepsis begroete tablet, de iPad, is hiervan een sterk voorbeeld.
3. Wees niet bang fouten te maken. Hier gaat het weer om leven vanuit verwachtingen en daaraan voldoen, of je passies volgen en zo nodig struikelen. Jobs maakte fouten, werd ooit ontslagen bij z’n eigen bedrijf en een aantal (minstens 7!) producten flopte. Zijn eigen woorden zijn fraai en komen uit zijn bekende Stanford-toespraak van 2005:

Your time is limited, so don’t waste it living someone else’s life. Don’t be trapped by dogma – which is living with the results of other people’s thinking. Don’t let the noise of others’ opinions drown out your own inner voice. And most important, have the courage to follow your heart and intuition.

4. Pas achteraf kun je losse punten tot een lijn verbinden. Het leven is niet voorspelbaar en daar moet je mee leren omgaan en tegelijk vertrouwen dat er een plan is, dat het een geheel vormt: vertrouw en doe wat je hand vindt om te doen, laat je niet verlammen door de toekomst.
5. Luister naar die stem van binnen in je hoofd of je op de juiste weg zit of niet. Alleen dat kan je wereld veranderen. Werk vanuit innerlijke gedrevenheid en let op je innerlijk kompas.
6. Verwacht veel van jezelf en de ander: Jobs verzamelde mensen met hoge competenties om zich heen, en niet mensen die hem wel zouden volgen op een iets lager niveau. Zo hield hij zichzelf en anderen scherp en bereikte hij veel.
7. Verzamel een team van bekwame mensen om je heen. Het succes van Apple is vooral ook goed teamwork.

Bij elke opmerking zouden toepassingen te maken zijn. En volgens mij is dat voor kerkelijke leiders de moeite waard. In de kern zit volgens mij het woord visie. De kerk is ooit gestart met een unieke visie op leven en dood, op verleden, heden en toekomst, op mensen en hun bestemming. Intussen is veel gestold in vormen en compromissen die geboren zijn in de praktijk van jaren. Terug naar dat punt betekent niet anders dat ‘rethinking the church’. De Volkskrant noemt in een artikel als geheim van Jobs dat hij een ‘waarom-mens’ is en niet een ‘hoe-mens’. ‘Hij vroeg altijd eerst: waarom doen we wat we doen?’ Hij werkte van visie naar plan naar uitvoering. Daarin is hij als CEO niet de enige overigens en dat is maar goed ook. Tegelijk blijkt de verleiding groot te zijn, meer in ‘hoe’ termen te denken: hoe reageer je, hoe houdt je de tent draaiende, hoe blijf je winstgevend, enz. In kerkelijke termen is dat vooral de vraag ‘hoe houd je de boel bij elkaar?’. Saai en weinig inspirerend, maar erger nog: het brengt je niet bij de kernvragen die eigen zijn aan het evangelie dat altijd anders is, tegendraads, verrassend en vernieuwend.

Wat hierbij wezenlijk is, is om de lat weer hoger te leggen dan kerkelijk vaak gebruik is. Stop met het excuus dat het een vrijwilligersorganisatie is en dat iedereen het beste bedoeld. Kijk liever opnieuw naar dat wat je wilt zijn en wilt bereiken. Kijk naar de hoge uitdaging die het evangelie stelt aan mensen die er mee in aanraking komen en begin dus bij jezelf. Daag weer uit en verleg je grenzen. Ga niet uit van het makkelijke, maar geloof dat het onmogelijke niet bestaat. Dat zou voor gelovigen niet zo vreemd moeten zijn.

Nog twee opmerkingen: elk ding in de kerk zou een ziel moeten hebben. Moet voelen, eruit zien en overkomen zoals de inhoud erachter bedoeld te zijn. Proef Gods goedheid om iets te noemen. Toon genade in daden en stop lange verhalen en systemen die dat in de praktijk nogal eens ontkrachten. Stop met dingen die niet je core-business zijn en toon je hart, je ziel in elk ding dat je wel doet. Durf weer te pionieren en zo nodig fouten te maken, duizend keer liever dan op de tent te passen. Laatste: en luister naar die innerlijke stem. Want in de stilte tussen jou en God klinkt een Stem.

Henri Nouwen zegt hierover: “in de stilte klinkt de Stem die jou naar de volgende stap brengt, op weg naar je bestemming.”
Een visionaire kerk gelooft niet maar in roeping, maar leeft en creëert roeping.

Steve Jobs


Vanmorgen kwamen mijn oudste twee beneden bij het ontbijt met de mededeling dat er iets bijzonders te vertellen was, iets ergs. De kids kennen hun vader, want toen ze me vertelden wat ik op dat moment nog niet wist was het een schok. Het sterven van Steve Jobs.

Ik vind het gepast hier een moment bij stil te staan. Steve Jobs was in mijn ogen een mens dat een aantal dingen bijzonder goed en zelfs excellent heeft gedaan. Dat gaat over pionieren, over leiderschap, en vooral over visionair kunnen zijn. Hij heeft de manier waarop we omgaan met computers en andere apparaten revolutionair beïnvloed. En in mijn ogen gaat dat verder dan techniek, een hype of het materiële niveau. Later daarover meer.

Van Apple is gezegd dat het een religie is. Steve Jobs een messias. Wel, dat mag zo zijn, maar voor mij als theoloog en gelovige is het een uitdaging om te kijken wat hij neergezet heeft en de manier waarop hij dat deed. Ik denk dat daar veel van te leren is, ook door de ‘religie’ zo je wilt.

Respect voor deze man die een ongelooflijk doorzettingsvermogen getoond heeft en vanuit een diepe innerlijke visie bouwde aan zijn droom en zelfs in staat was de wereld op een paar punten toch echt mooier, boeiender en effectiever te maken. Mijn respect ook richting zijn familie en zijn bedrijf Apple die beiden zonder hem verder gaan. Dat zal nog heel verschillend zijn als het gaat om diepe persoonlijke verbondenheid en de professionele verbondenheid. Maar in beide situaties is er een verlies en een gemis dat groot is.

Een citaat tenslotte bij dit moment dat iets aangeeft hoe Steve Jobs dingen samenbracht in een nieuw concept:

In most people’s vocabularies, design means veneer. It’s interior decorating. It’s the fabric of the curtains of the sofa. But to me, nothing could be further from the meaning of design. Design is the fundamental soul of a human-made creation that ends up expressing itself in successive outer layers of the product or service.

Assepoester en het Bal der Theologen

Mooi was ze wel in haar eenvoudig jurkje. Ze stond in een schemerig verlicht hoekje van de grote tuin. Maar ze huilde en was boos. Niemand had haar uitgenodigd om daarbinnen, nee: daarboven te zijn! Het was wanstaltig, elitair en oneerlijk. Vooral dat laatste. Nou ja, niet uitgenodigd, de brief was wel bezorgd bij haar studentenhuisje driehoog achter, maar ze had gewoon het geld er niet voor over. Zo duur! Zo oneerlijk! En daarom stond ze nu daar. Assepoester balde haar vuisten, en het ene muiltje, dat had ze al vastgeklemd om straks tegen dat raam daarboven te gooien. Want zij bleef in de tuin. O zo.

Natuurlijk is dit niet het hele verhaal, lees meer

Het is volbracht: Jeruzalem-Gouda

Het is wel even slikken om een Passie-vertolking te zien met ME-busjes en zwaailichten van Nederlandse politieauto’s. Nadat Jezus op de fiets in Gouda aangekomen was in plaats van de vertrouwde ezel ging er behoorlijk wat anders dan in het oorspronkelijke evangelie. Wat mij betreft is die schok heilzaam. Ik had gaandeweg de uitvoering nog meer rauwheid verwacht, en wat mij betreft had dat wel gekund ook. Een paar momenten die haken. Ik heb het natuurlijk over de Passion in Gouda die gister uitgevoerd werd en naast 15-20.000 mensen een miljoen tv-kijkers trok. Mooie momenten een een veelzeggende ‘fout’ aan het slot.

Wat me raakt is toch de bijna onwerkelijke confrontatie tussen toen en nu, Jeruzalem – Gouda. De kleding van de platen en schilderijen tegenover de leren jacks van de bekende Nederlanders. Jakhals Erik Dijkstra, ja dat is even wat anders. Maar het heeft wel wat. En Judas door de rol van Frank Lammers met z’n wat plat Amsterdamse uitstraling maar ook met emotie in zijn liedkeus: het zet je opnieuw stil bij de vraag wat er die nacht gebeurde. lees meer…